Slowfood in de Brusselse studentenbuurt

Slowfood in hartje Brussel bij restaurant Contre-Temps: smaak, traceerbaarheid van de ingrediënten en topkwaliteit. Een favoriet culinair adres van notaris Jérôme Otte.

Afspraak bij Contre-Temps, in de studentenbuurt van de Brusselse hoofdstad. We worden onmiddellijk ontvangen met een spannend aperitief, namelijk een ‘Perle de Wallonie 2010’,  vin Mousseux Brut, van het Domaine vinicole du Chenoy te Émines. Een heerlijk frisse start van de maaltijd met een Belgische ‘champagne’.

IMG_2671
Jérôme Otte: Ik werd hier uitgenodigd door een vriend van me en ik was direct verleid door de goede service en de mooie presentatie van de gerechten. Ook het feit dat ze met een hele reeks kleinschalige, lokale producenten werken is zeker een troef voor het restaurant.
Elk seizoen kiezen de chefs, Denis Mollet en Manu Debauve, de beste ingrediënten uit om nieuwe gerechten te bereiden.

Elke maand hebben ze ook ‘het bier van de maand’, gebrouwd door Belgische microbrouwerijen. Zo ontdek je dus elke keer een andere verrassende bierbrouwer. De selectie is altijd verbazend want de smaken kunnen fruitig, zoet en zelfs bitter zijn. Ons kantoor is ook heel dichtbij, dat is wel praktisch als ik ‘s avonds geen zin heb om te koken.


JO: We starten met een velouté van aardperen, schorseneren, garnalen en blokjes heek (vis).  Dan krijgen we een tweede voorgerecht van ‘petits gris’ van Ourchet, peterseliejus met zachte look, kalfsvlees en mousseline van knolselder. Het hoofdgerecht is émincé van eendenborst, gestoofde zuurkool, groentjes en een zoetzure jus. Als wijn krijgen we een rode ‘Belgische wijn’: Mas des Anges, Côteaux de Montauban, van de Belgische wijnboer, dhr. Kervyn te Montauban. Als we nog een plaatsje over hebben, is er ook nog een selectie van kazen, de meeste uiteraard van Belgische afkomst.

Eric Sohl: Bent u een foodie notaris?
JO: Ik houd heel erg van eten en koken. Maar spijtig genoeg heb ik niet altijd de tijd om te koken, en dan houd ik ervan om een gezellig restaurant uit te kiezen. Nieuwe restaurants uitproberen is dan ook een leuke bezigheid. Ik houd zowel van de geraffineerde keuken van sterrenrestaurants als van een lekkere Brusselse stoemp. Ik eet ook alles. Andouillette van Troyes of artisanale rijstpap, voor mij kan alles! Een van mijn jeugdherinneringen is de rijstpap van mijn grootmoeder. Die specifieke smaak is mij altijd bijgebleven, dat is tot nu toe nog altijd mijn favoriete dessert. Alleen is het spijtig dat mijn drukke agenda het niet toelaat om vaker thuis te koken. Ondertussen worden we verwend met twee voorgerechten; een hartige velouté van vergeten groenten en slakjes met kalfsvlees, prachtig gepresenteerd. Het gaat hier duidelijk om top-
ingrediënten in een verfijnde presentatie.

Eric Sohl: Welke keuken kan u bekoren?
JO: De Franse of Italiaanse keuken kan me wel bekoren. Pasta is altijd een dankbaar gerecht om klaar te maken. Verder houd ik zeker ook van de Aziatische keuken, Thai, Vietnamees of Japans. Ik vind de Thaise en Vietnamese keuken heel lekker voor hun gekookte gerechten en de Japanse keuken voor haar rauwe gerechten. Wat de Italiaanse keuken betreft, hebben we in Toscane echt lekker gegeten, zoals bv. in Florence. Trouwens één van mijn top-adressen die ik met iedereen wil delen is San Daniele in Koekelberg. Daar laat ik de chef altijd zelf beslissen wat we gaan eten. En hij heeft ons nog nooit teleurgesteld.

Eric Sohl: Is op restaurant gaan voor u een sociale gebeurtenis?
JO: Uiteraard! Meer nog, de beste momenten zijn samen eten met vrienden, of dat nu thuis is of op restaurant.

Eric Sohl: Wat is uw lievelingsgerecht?
JO: Een lekkere stoemp of een smeuïge Gentse waterzooi kan me wel smaken. Alles wat met vlees te maken heeft, is voor mij oké! De ouders van mijn schoonmoeder waren landbouwers in Pont-à-Celles en vlees was een belangrijk element in mijn dagelijkse kost. Ik had dan nog het geluk dat we zelf een groentetuin hadden. Er is niets beter dan kraakverse groenten uit de tuin.

Eric Sohl: Bent u een wijnkenner?
JO: Niet echt, maar ik heb wel voorkeuren. De wijnen uit de Bourgognestreek zijn voor mij de beste. Maar er zijn uiteraard ook heel wat kleine en onbekende regio’s in Frankrijk waar je lekkere wijnen kan ontdekken, zoals in de Provence. Ook de nieuwe wereldwijnen kunnen me wel bekoren: Marokkaanse en Zuid-Afrikaanse wijnen bijvoorbeeld. De kwaliteit van de nieuwe wereldwijnen valt me op, dus die wil ik zeker ook wel in mijn wijnselectie hebben.

Het hoofdgerecht wordt geserveerd en opnieuw is de presentatie uiterst verzorgd. De émincé van eendenborst met gestoofde zuurkool en die zoetzure jus is een perfecte combinatie.

Eric Sohl: Wat zijn uw favoriete adressen in Brussel?
JO: Afhankelijk van mijn disgenoot, kies ik graag één van de volgende restaurants:
Kumquat: Je komt hier niet voor het stijlvolle decor maar voor de pittige en lekkere bereidingen. De chef is heel goed. Je kunt hier dus gegarandeerd lekker en exotisch eten voor een redelijke prijs. Een leuke anekdote is dat ze daar nog ‘Clos du Notaire’ serveren aan een heel goede prijs.
Bon Bon: Ik heb heel goede herinneringen aan Bon Bon. Want voor we aan het eten begonnen hebben we een uurtje kennis gemaakt met de chef. Zijn persoonlijk onthaal heeft ons echt gecharmeerd. Uiteraard is het eten daar écht van topkwaliteit. Geraffineerd eten in een prachtig kader en dat maakt dat dit wellicht één van mijn beste culinaire ervaringen was. Nu zijn de prijzen gestegen en is het dus niet zo betaalbaar meer als vroeger maar om je te verwennen is dit een topadres in Brussel.
Chez Fernand: Het frietkot op Square de Meudon is mijn favoriete frietkot in Brussel. Ze serveren daar een hamburger met een ‘steak haché’ ertussen en met handgesneden en dubbel gebakken frieten. Nu heeft zoon Laurent de zaak overgenomen. En ze zijn tot 23.00 u open, dus daar kom ik wel eens langs.
La Roue d’Or vlak bij de Grote Markt: De ambiance is er goed en de stoemp overheerlijk, daar moet je gaan voor de Brusselse klassiekers.

We sluiten af met een sterke espresso.

Eric Sohl: Bent u een cocktail fan?
JO: Met de trend van gin and tonics ben ik helemaal mee. Bij ‘Au gré du vent’ in Seneffe hebben we een memorabele gin&tonic gedronken. Het tonicwater was van Spaanse afkomst en je kunt er zelfs kiezen of je hem mét of zonder kinine wil drinken. Afgezien van de gin&tonic is dit restaurant trouwens ook een aanrader als je buiten Brussel gastronomisch wil eten.

Contre-Temps, Kroonlaan 375,
1050 Brussel
http://www.contre-temps.be

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s